Nederland krijgt per 1 juli 2023 een nieuw pensioenstelsel; transparanter, persoonlijker en vooral toekomstbestendiger dan het huidige stelsel, althans dat is de bedoeling. De invoering daarvan gaat echter niet zonder slag of stoot, weet actuaris Jacintha van Bijnen van Aon. In het dagelijks leven adviseert zij grote en middelgrote ondernemingen en pensioenfondsen. We spraken met Van Bijnen over de Wet Toekomst Pensioenen, zoals het nieuwe pensioenakkoord officieel heet. Ze volgt de invoering van het nieuwe stelsel met een kritische blik: ‘Het is heel hard nodig om het huidige pensioensysteem te versimpelen en op een andere manier in te richten. Dit stelsel is niet meer houdbaar. De uitwerking van het nieuwe akkoord is echter een suboptimale oplossing, waarbij we niet alle van tevoren gestelde doelen gaan behalen.’

“In de kern is het veel simpeler en transparanter. Alleen, door alle add-ons die we er opplakken, wordt het toch weer ingewikkelder.

Complex systeem

Van Bijnen: ‘Op internationaal niveau scoorde Nederland altijd fantastisch hoog, we hadden één van de beste pensioensystemen in de wereld na Denemarken en Australië. Dat is ondertussen wel wat aan het tanen. Zwitserland heeft een pensioensysteem dat in de verte een beetje op dat van ons lijkt.’ Van Bijnen vervolgt: ‘Belangrijk om op te merken is dat de sociale zekerheid in Nederland, de AOW, relatief laag is in vergelijking met andere landen. In de meeste landen wereldwijd is dat afhankelijk van inkomen, van salaris. Terwijl de AOW in Nederland voor iedereen in de basis hetzelfde bedrag is, afhankelijk van de persoonlijke situatie. Ik merk dat buitenlandse klanten van ons, zeker Amerikaanse bedrijven, moeite hebben om aan hun hoofdkantoor uit te leggen hoe het Nederlandse systeem in elkaar zit als er een besluit over een pensioenregeling genomen moet worden. Het gaat om HR-beleid, dus de Nederlandse kantoren moeten dat wel met het moederbedrijf afstemmen, maar op zo’n hoofdkantoor snappen ze absoluut niet waar wij mee bezig zijn. Die hebben veel simpelere systemen, vaak gewoon een DC-regeling waarbij wordt gespaard. En België heeft een garantie op het rendement dat men moet kunnen behalen. Het zeer complexe systeem dat wij hebben is echt uniek in de wereld.’

 

De huidige pensioenpot in Nederland is groot in vergelijking met andere landen, beaamt Van Bijnen. Daar is volgens haar een goede verklaring voor: ‘De sociale zekerheid is daar zo'n stuk verder aangekleed ten opzichte van Nederland, waardoor ook de noodzaak voor het sparen voor de pensioenen veel minder is. Dan zeggen we altijd dat wij in Nederland relatief weinig bezit hebben. We hebben hoge hypotheken, weinig spaargeld. Als je kijkt naar Italië, al die mensen hebben een eigen huis. Dat hebben wij niet, maar wij hebben wel die enorme berg pensioengeld. Heel goed aan het nieuwe stelsel is dat we niet nog meer geld gaan oppotten in die enorme buffers waar we niks mee kunnen. Dat is gewoon waanzin, dat moet je niet hebben. Dat oppotten en die rare koppeling met een marktrente die ook samenhangt met economisch beleid, willekeur, dat soort dingen gaan eruit. In de kern is het veel simpeler en transparanter. Alleen, door alle add-ons die we er opplakken, wordt het toch weer ingewikkelder.’

“Een aantal factoren waren belangrijk bij de start. Het moest simpel, uitlegbaar en transparant worden.

Ook het invaren – het omzetten van de huidige pensioenbedragen van pensioendeelnemers naar persoonlijke pensioenvermogens - ziet Van Bijnen als een risico. ‘Alles wat we opgebouwd hebben, dat vaste bedrag, gaan we oppakken en in het nieuwe systeem zetten. Dat betekent dus dat die 2500 euro per maand - of wat het ook is dat je altijd al kreeg - geen 2500 euro blijft. De verwachting is dat het meer wordt. Gemiddeld wordt het ook meer, maar het gaat zachtjes fluctueren. We proberen de scherpe kantjes eraf te halen door die niet-transparante buffers. Zolang het allemaal hoger is dan wat ze ooit hadden, hoor je niemand. Maar als het de eerste keer naar beneden gaat, dan begint het gedonder.’ 

 

‘Ook in het verwachte scenario dat alles economisch een beetje stabiel blijft, dan zie je dat met name volgende generaties minder gaan krijgen. Die zijn de dupe door de wijziging van het systeem. Nu stappen ze in een systeem waarbij er al een zekere mate aan buffers is, dus enige zekerheid, straks stappen ze in een systeem dat leeg is. De twintigers van nu, of misschien zelfs de generaties daarna nog, gaan de klappen opvangen.’

 

‘Wat ik persoonlijk heel moeilijk vind is dat er geen mogelijkheid is om bezwaar te maken, mensen kunnen niet instemmen. We gaan invaren op basis van de overeenstemming tussen sociale partners, waarbij individuele pensioendeelnemers niets gevraagd wordt. Ik begrijp dat we niet willen dat er straks een paar mensen gebaseerd op onderbuikgevoelens de verkeerde beslissing nemen en dat we ze daartegen willen beschermen, maar als we ze daartegen beschermen door alle mogelijke instemmingen of bezwaarmogelijkheden dicht te zetten, worden mensen heel argwanend. We hebben dat gezien met corona, we zien het met de boerenprotesten, mensen worden steeds achterdochtiger of er wel gekeken wordt naar wat het beste voor hen is. Ik denk dat dit daar ook op inwerkt, het is een heel hoog risico. Pensioenjuristen zijn al zaken aan het voorbereiden op dit vlak’, aldus Van Bijnen. Ze vervolgt: ‘Je ziet nu dat er veel druk staat op het proces om de wetgeving er zo snel mogelijk doorheen te krijgen, terwijl nog niet alles uitgekristalliseerd is en er heel wat open eindjes zijn. Daarmee loop je het risico op schoonheidsfoutjes in het weefsel. Dan is het straks 2027 en lopen er allemaal rechtszaken, dan zitten we tot 2035 nog met allerlei dingen om weer recht te breien. Stel je voor dat ergens in Straatsburg een rechter of een hof beslist dat het niet had gemogen zonder instemming. Moeten we dan alles gaan terugdraaien?’

Black box

Van Bijnen licht graag toe waarom het nieuwe pensioenakkoord in haar ogen suboptimaal is: ‘Een aantal factoren waren belangrijk bij de start. Het moest simpel, uitlegbaar en transparant worden. Als ik kijk naar de huidige conceptwetgeving, dan mis ik die zaken. Bij mij gaat al langzaam het licht uit als iemand mij het volgende zou vertellen: “De toezegging is de premie die betaald wordt, maar we gaan vervolgens een deel van die premie in een potje stoppen. Als je een heel hoog rendement hebt, gaan we een deel van dat rendement ook in dat potje stoppen. En straks, als je met pensioen gaat, om dan je schommelingen van je pensioen te voorkomen, gaan we weer van dat potje gebruiken. Maar dan gaan we ook nog die schommelingen opvangen onderling en uitsmeren over de tijd. Hoe ga je aan gepensioneerden uitleggen waarom ze volgend jaar twee procent minder pensioen krijgen dan dit jaar? Je kan het geen korten noemen, want dat bestaat niet meer. Het volgt de economische fluctuaties, maar hoe ga je dat uitleggen als het komt door allerlei potjes en delingssystemen? Het is een black box, mensen gaan dat niet begrijpen.’

 

‘Helaas hebben we er ook nog voor gekozen om de hoogte van de pensioenuitkering te baseren op het beschermingsrendement. Alles wat boven het beschermingsrendement zit, is overrente. Die overrente kan dus voor een deel in die buffer, en voor een deel is die voor jezelf, voor jouw eigen pensioenpotje. Maar dat beschermingsrendement is geen vast bedrag, want dat hangt af van de marktrente. En dat overrendement is niet voor iedereen hetzelfde. Dus stel je voor, het pensioenfonds maakt twintig procent rendement, dan krijgt daar de ene medewerker misschien maar twee procent van, of min twee procent, en de ander krijgt daar viertwintig procent van. We gaan er namelijk vanuit dat we virtueel verschillende beleggingsmixen hebben per leeftijdscategorie.’

“Je ziet nu dat er veel druk staat op het proces om de wetgeving er zo snel mogelijk doorheen te krijgen, terwijl nog niet alles uitgekristalliseerd is en er heel wat open eindjes zijn.

Schoon schip maken

Naast een enorme pensioenreserve zitten pensioenorganisaties op een enorme berg data van alle pensioendeelnemers. Ook hier ziet Van Bijnen risico’s: ‘Alle uitzonderingsregelingen en overgangsbepalingen maken die administratie er niet makkelijker op. Ik heb er heel weinig vertrouwen in dat het allemaal goed zit. Bij een aantal partijen zitten er nog dingen buiten de systemen, ook bij grote pensioenfondsen. In Excel, in een handmatig documentje, in een ms dos-systeem; het hangt met plakband aan elkaar. Dat is natuurlijk een enorm risico als we straks gaan invaren. Het is tevens een kans om dit beter te digitaliseren, maar door het streven naar efficiency in de laatste jaren zijn de administratiesystemen niet meer gebouwd om bepaalde uitzonderingen op te nemen. Dat heeft die handmatige ellende veroorzaakt. Het is dus heel goed om schoon schip te maken. Als we gaan invaren, gooien we al die oude rommel op één grote berg en dat stoppen we allemaal in dat nieuwe systeem. Dan kan het nooit meer fout gaan en kunnen we niks meer vergeten, mits we bij het invaren alles goed meenemen. Want na die tijd kun je het nooit meer vinden.’

 

Aan pensioenfondsen en -uitvoerders wil Van Bijnen meegeven flexibel en reëel te zijn. ‘Wees niet te rigide in de wens van werkgevers, maar zeg ook niet overal 'ja' waardoor straks weer onwerkbare situaties ontstaan.’ Daarnaast is ze van mening dat de toezichthouder wat meer inlevingsvermogen moet hebben en niet alleen moet wijzen naar de wet. ‘Het is goed om realiteitszin te hebben, de wet is niet altijd fantastisch. Buig een beetje mee.’ Tot slot raadt ze werknemers aan zich te verdiepen in het nieuwe stelsel. ‘Pak alle informatie die je werkgever biedt over het nieuwe pensioenstelsel met beide handen aan, zodat je de kans hebt om een beeld te vormen. Log ook in op je portal. En aan de politiek wil ik meegeven dat ze zorgvuldig moeten zijn en geen haastige beslissingen onder politieke druk moeten nemen.’

“Alle uitzonderingsregelingen en overgangsbepalingen maken die administratie er niet makkelijker op

Meer weten over datakwaliteit en de juiste Experts die dit mogelijk maken?

Neem dan contact op met Jasper van Groningen via j.vangroningen@wearekayak.com / 06 43 00 80 25